woensdag 18 januari 2012

Het gaat steeds beter

Het gaat steeds beter met Robotklauws kruistocht tegen de middelmatigheid: Wikipedia gaat op zwart en het Van Gogh museum gaat dicht.

Jammer genoeg gaat Wikipedia alleen in de Engelse uitvoering op zwart, en het is maar voor een dag. Daarenboven is de Amerikaanse vele malen beter dan de Nederlandse. In Amerika zetten ze bronnen bij artikelen, terwijl Nederlanders daar geen kaas van gegeten blijken te hebben. Evenzeer jammer is het, dat het Van Gogh maar enkele maanden dicht gaat. Ik denk aan minstens tien jaar. Tien jaar verstoken van die amateurshit van Van Gogh! Hemels!

Maar toch, marginaal resultaat is altijd beter dan helemaal geen resultaat. Robotklauw vecht verder!

vrijdag 6 januari 2012

Carmen Tisch

In Denver heeft de 36-jarige Carmen Tisch een schilderij bestompt en bekrabt, waarna ze haar broek uitdeed en zich tegen het werk aanwreef.

"Belangrijke werken van grote kunstenaars zijn wel vaker het doel van kunstvandalen."

Je zou denken dat deze tekst uit Het Parool op een groots en belangrijk werk van een beroemd kunstenaar slaat. Niets is minder waar! Het gaat om schilderij 1957-J-No. 2 van Clyfford Still.

Wie? Hoor ik je vragen. Inderdaad, met al mijn kennis op het terrein van de schilderkunst heb ik mij nog nooit echt geïnteresseerd voor wat abstracte kunst heet. Een prangende reden daarvoor is, daar het meeste werk van abstracte kunstenaars abjecte rotzooi is! Maar zelfs kunsthistorici van naam hebben nog nooit van Still gehoord. Geen wonder, aangezien zijn werk marginaal is.

Zo ook dit 1957-J-No. 2. En het meest wrange: deze bagger moet 30 tot 40 miljoen dollar kosten!

Zie hier de abstracte shit van Clyfford Still. En daaronder abstracte shit van mijn hand. Het laatste heeft een uiterst origineel prijskaartje: het moet altijd (tot in de eeuwigheid) een dollar meer opbrengen dan 1957-J-No. 2. Frappant genoeg heet mijn werk 1957-J-# 2. Is dit toeval? Het is in ieder geval opmerkelijk...

Clyfford Still 1957-J-No. 2
Robotklauw 1957-J-# 2
Opgedragen aan Carmen Tisch

P.s. In de lijst van dode en marginale, onbenullige kunstenaars worden opgenomen:

Anton Heyboer - voor marginalisme ten top!
Helen Frankenthaler - voor schrijnend onbenulligschap!

vrijdag 16 december 2011

Wondermiddel

Het wondermiddel bij uitstek is tekenen. Dit bevordert het ruimtelijk inzicht, zo heb ik menig leraar horen verkondigen. En ‘ruimtelijk inzicht’ is al bijna net zoiets als adem halen, of eten. Het is onontbeerlijk.  Bij de TU Delft wordt over tekenen gezegd dat het “een essentiële bijdrage aan de ontwikkeling van het voorstellingsvermogen, het ruimtelijk inzicht, de visuele waarneming en vormgevoel” levert. Weliswaar is dit perspectivisch tekenen, maar een kniesoor… Duidelijk is, dat gesteld wordt, dat kunnen tekenen het ruimtelijk inzicht verbetert. Daarmee is les in tekenen de opmaat naar bijvoorbeeld autorijden. Of niet soms?

Ruimtelijk inzicht is een mentale vaardigheid die bij ieder mens of dier in aanleg aanwezig is en dient om zich te kunnen oriënteren en positioneren in een ruimtelijke leefomgeving. Ruimtelijk inzicht komt in het dagelijks leven voor iedereen van pas, al was het maar om iets ergens terug te vinden, of om je voort te bewegen. Door het te koppelen aan tekenen, lijkt het of men wil zeggen: door te leren tekenen kan ik beter autorijden, kan ik een pan in de keuken vinden. Dat is natuurlijk te zot voor woorden en tekenen is dan ook helemaal niet nodig voor ruimtelijk inzicht. De twee hebben raakvlakken, maar dat is alles.

Een website, van Stichting Histos legt uit. Deze stichting “verricht en bevordert psychologisch onderzoek naar de samenhang in het psychische functioneren en de ontwikkeling van de ene samenhang naar de volgende.” Tekenen, zo zeggen zij, is helemaal niet goed voor de ruimtelijke ontwikkeling! Sterker nog, het veronderstelt een zekere mate van ruimtelijk inzicht om te kunnen tekenen!! De omgekeerde wereld van wat ons voorgehouden is. Het enige waar tekenen goed voor is, is het leren schrijven.


Elk tekenniveau vooronderstelt een bepaald niveau in het ruimtelijke inzicht: het tekenen van peuters is gebaseerd op een concreet ruimtelijk inzicht. Het tekenen van kleuters is gebaseerd op ruimtelijk inzicht met behulp van een abstract-logisch kader waar echter een en ander aan ontbreekt. Het tekenen van jonge schoolkinderen is gebaseerd op een abstract-logisch kader waarin het ontbrekende bij kleuters is opgeheven.


Zowel in het tekenen als in het schrijven worden figuren gemaakt. De twee belangrijkste verschillen zijn: in het schrijven zijn de figuren gegeven, namelijk als lettertekens in de betreffende taal, en elk schrijffiguur staat voor een klank Het tekenen van kleuters (gemiddeld 4,5-6,5 jaar) bereidt daarom optimaal voor op het schrijven van het jonge schoolkind (gemiddeld 6,5-8,5 jaar).


Bron: www.stichtinghistos.nl/, Zie ook Ewald Vervaet, Naar school; psychologie van 3 tot 8.


In feite is tekenen dus nodig tot de leeftijd van ongeveer 6-7 jaar. Daarna kan het als vak verdwijnen, aangezien de kinderen dan al lang en breed met schrijven bezig zijn. Maar waar is tekenen dan nog goed voor na de leeftijd van zeven jaar?

Tekenen is een manier om het innerlijk beeld weer te geven. Dat omzetten naar een tekening vereist de regels van de omgeving te kennen ('ruimtelijk inzicht') en het leert je regels toe te passen - in een later stadium, lang na de kindertijd, leert het je regels te overschrijden of weg te laten. Dat het niets met ruimtelijk inzicht te maken heeft, wordt ook tentoongespreid door het leger aan volwassenen dat niet kan tekenen, al hing hun leven er vanaf. Laat dat zien dat volwassenen ook totaal geen ruimtelijk inzicht hebben? Miljoenen deelnemers in het verkeer logenstraffen dit.

Tekenen kan worden opgevat als een vorm van tijdverdrijf. Het laat de beoefenaar zich uiten op creatieve wijze. Het geeft de beoefenaar voldoening iets ‘moois’ te scheppen. Tekenen is ook een leuke afwisseling van andere, saaie vakken. Het geeft daarnaast (bij goed onderricht) enige inzage in technische illustraties, bijvoorbeeld bij biologie en aardrijkskunde. Van bijvoorbeeld schilderen kan men wat opsteken van kleurenleer en dergelijke.

Het beste kan men kinderen die enige vaardigheid in hun tekeningen laten zien onderrichten in het tekenen. Daarbij moeten die kinderen ook nog gemotiveerd zijn te willen tekenen. Kinderen die niet van tekenen houden kan men laten fröbelen, een al even onzinnige bezigheid als tekenen, of nog liever laten buitenspelen – kunnen ze ruimtelijk inzicht opdoen. Bij de docent moet een degelijke kennis van tekenen en schilderen aanwezig zijn. Hetgeen men op de PABO aan tekenen krijgt is die naam niet waard. Tekenen moet ook worden opgevat binnen het bredere kader van multimedia en ontwerpen. Tekenen kan handig worden ingezet bij het maken van films of video’s – denk aan het storyboard. Het kan een opzet zijn naar gamedesigns. Het is handig bij technische vakken, of als men architect wil worden. Tekenen, of liever schetsen, is een bruikbare mentale oefening en biedt de gebruiker een creatieve brainstorm, onafhankelijk van schrijven. Het tekenonderwijs zou ook naar deze inzichten heringericht moeten en kunnen worden. Men kan denken aan een nieuw vak, mogelijk met de naam ‘vormgeving’, waarin tekenen dan een opzet is naar complexere manieren van vormgeven. Tekenen is dan schetsen geworden, wat ook de oorsprong van het tekenen bij kunstenaars is.

Tekenen is dus geen wondermiddel en het bevordert ook al niet het ruimtelijk inzicht. Dat is een mythe!

woensdag 30 november 2011

Uitspraken

Een mooie uitspraak van een bevriend kunstenaar:


"Kunst laat zich niet dwingen, het zoekt zijn eigen weg."

 -Ivo Westerlaken

zaterdag 5 november 2011

Wansmaak van het jaar

Uitgeroepen tot kunstenaar van het jaar: Ted Noten. Voor wie deze fröbelaar nog niet kent, denk aan plastic ringen met varkentjes erop of een wapen, of aan knaagdieren in perspex gegoten. Het heet design, of zelfs kunst te zijn, maar is gewoon amateuristische bagger. Noten heeft amper fantasie, maar een hoog knutselgehalte. Voeg daarbij een wansmaak voor plastic en alles wat onecht, leeg en oppervlakkig is, en daar komt dan Neerlands kunstenaar van het jaar te voorschijn.

Eerdere winnaars waren: Sam Drukker (2011), Ans Markus (2009/2010) en Corneille (2003). Bij de eerste krijg ik het idee dat zijn modellen onder de smeer, het bloed en de olie zitten. Het is bedrukkend en neerslachtig werk van een eenzijdige misantropische tekenaar, welke zijn vak geleerd lijkt te hebben van een Teleaccursus 'Hoe leer ik tekenen (met echte modellen)'.

Ans Markus is al net zo'n eenzijdig geval. Hoewel ik in de begindagen van Markus nog enige bewondering voor haar techniek kon opbrengen (het onderwerp vond ik toen al te eenzijdig) wist Markus gaande de jaren zichzelf alleen maar te herhalen. Haar complete oeuvre bestaat dan ook uit een tiental schilderijen, tot in het oneindige herhaald. Debet aan haar artisticiteit is waarschijnlijk haar gepenseelde kop, als je die elke dag in de spiegel moet opmaken verleer je enige spontaniteit. Creatief behoort ze tot de visagistes, maar dan op doek.

Corneille, wat valt er nog over te zeggen? Wat komt spontaan in mij op: troep, bagger, rotzooi. Tja, misschien is hij gewoon een kinderlijk mannetje en vandaar dan die kindertekeningen. Ik heb er eigenlijk geen goed woord voor over. Het enige wat ik er nog van wil zeggen is: 'Als je niet kan tekenen, doe het dan ook niet.'

De enige echte Nederlandse kunstenaar van het jaar had Karel Thole moeten zijn, maar die vluchtte ooit naar het buitenland. Gelijk had hij.

maandag 17 oktober 2011

De misantropische mislukking in melkchocolade

Van Gogh, de onbetwiste en illustere aanvoerder der amateuristische kunstschilders, zou vermoord zijn. Alzo concluderen twee Amerikaanse schrijvers; geen zelfmoord voor onze Vincent - zelfs dat is deze algehele misantropische mislukking niet gegund. Op geheel Amerikaanse wijze schoot een Franse cowboy-vriend van Vincent hem in de onderbuik.

Kudos aan de schooljongen! Alle lof voor deze onnozele daad en vreemd dat niemand anders op dit doldwaze cowboy-idee is gekomen.

Wie kunnen nog meer van een wisse zelfmoord redden en vermoord laten worden? Salvador Allende? Sid Vicious? Cleopatra dan? Laat een peloton Franse schooljongens aantreden om de geschiedenis te zuiveren van zelfmoordenaars. Schietijzers in de aanslag!

zondag 4 september 2011

Hersenspoeling

Gisteravond naar een documentaire over een zogenaamd kunstenaar gekeken. En weer bevestigd wat ik altijd zeg: de kunstwereld is een eng, oppervlakkig wereldje, waarin slaafse volgzaamheid en algehele stupiditeit van de kunstliefhebers verlangd wordt door scrupuleuze handelaren en kunstmagnaten. Deze laatste kunnen kunstenaar zijn of galeriehouder, of nog erger: kunstpaus.

De in de docu voorkomende artiest, Mr Brainwash of MBW lijkt nep te zijn, de hele docu een hoax van Banksy, pseudoniem van een Engelse straatkunstenaar. Kudos voor deze satire op de hedendaagse kunst, want Robotklauw doet hetzelfde in Nederland maar dan op madurodamschaal.

Het kwam er allemaal op neer dat je een goedgelovig publiek kan oplichten voor vele miljoenen dollars door ze iets te presenteren. Wat je presenteert maakt niet uit: opgedroogde drollen die netjes gearrangeerd zijn; foto's van celebs waarvan je de kleuren veranderd hebt, of een artefact hebt bijgevoegd; een vloer ondergesmeerd met pindakaas; kleurrijke kitsch op een hoop gooien en verpakken als 'kunst'.

En dit zou allemaal nog niet zo erg zijn, als de oplichters lieten zien dat ze enige kennis van zaken hadden. De enige zaken die ze op hun duimpje kennen zijn geldzaken en daarmee zijn ze net zo amoreel en verwend als bankiers en verzekeraars.

Maar tegen Banksy zeggen we:

AVIDA DOLLARS! Hoewel Banksy inferieure kunst maakt.

P.s. Aan de lijst van verwerpelijke kunstenaars kunnen worden toegevoegd (en let wel: er zit aars in kunstenaars!):

Matthew Barney met zijn cremaster nonsens.